COMMUNICEREN    De leerlingen beheersten elementen van het communicatieve handelen:        actief luisteren en weergeven wat een andere inbrengt.        toegankelijk zijn en feed-back geven over eigen gevoel.        verduidelijken waarom zij voor een bepaald gedrag gekozen hebben.        assertief zijn en opkomen voor de rol die zij op zich nemen in een        groepsopdracht.         effectbesef hebben en over hun eigen gedrag reflecteren.        anderen de kans geven om te reageren.    De leerlingen kunnen in een groepsdiscussie hun mening weergeven, handhaven en     bijsturen.     De leerlingen herkennen functie en belang van een aantal elementen van goede     communicatie en geven aan welke van deze elementen zij al beheersen     De leerlingen oefenen zich in elementen van het communicatieve proces die ze     minder goed beheersen, bijvoorbeeld:         actief luisteren.        beslissen over een mogelijke eigen reactie.        zich helder uitdrukken in ik-termen    De leerlingen zijn bereid om de inbreng van de gesprekspartner ernstig te nemen.    De leerlingen communiceren doelgericht, bijvoorbeeld:        toetsen elkaars interpretatie en stemmen die zo nodig op elkaar af.        brengen de eigen gevoelens en gedachten tot uiting.        herkennen en gaan om met vooroordelen en uitingenvan ongepaste        beïnvloeding (intimidatie, manipulatie,...). |
REALISATIES |